Regievoering krijgt binnen de overheid steeds aandacht. Of het nu is vanuit een wettelijke taak die de provincie heeft ten aanzien van de professionalisering van de handhaving of vanuit een gemeentelijke kerntakendiscussie en outsourcing, de overheid als regisseur is een steeds vaker voorkomende ambitie.
Regie is een bijzondere vorm van sturen en is gericht op de afstemming van actoren, hun doelen en handelingen tot een min of meer samenhangend geheel, met het oog op een bepaald resultaat. De regiefunctie kan op verschillende manieren worden vormgegeven. We onderscheiden vier typen aan de hand van de volgende twee dimensies:
- Beschikt de regisseur over interventiemogelijkheden? Met andere woorden: in hoeverre kan de regisseur de andere relevante betrokken partijen zijn wil opleggen?
- Is de regisseur koers- en beleidsbepalend? Met andere woorden: in hoeverre stippelt de regisseur zijn eigen koers uit en kan hij zijn eigen beleid vormgeven?
Regulerende regisseur De regulerende regisseur (inhoudelijk én procesmatig) ontleent zijn sterke positie niet alleen aan interventiemogelijkheden, maar ook aan de mogelijkheid zélf de koers te bepalen. In deze situatie is sprake van een regisseur die op basis van diverse machtsbronnen (zoals een hiërarchische positie en bevoegdheden) actoren kan dwingen zijn eigen beleid uit te voeren. Het eigen beleid is feitelijk een extra machtsbron. Het staat de regisseur tevens vrij het beleid te herschrijven en daarmee de koers te verleggen.
Uitvoeringsgerichte regisseur De uitvoeringsgerichte regisseur ontleent zijn sterke positie aan de interventiemogelijkheden, maar de mogelijkheid zelf de koers te bepalen heeft hij niet. De regisseur voert namelijk het beleid van een ander uit, bijvoorbeeld van de rijksoverheid (een verticale verhouding tot regisseur) of in opdracht van een samenwerkingsverband (een horizontale verhouding tot regisseur).
Visionaire regisseur De visionaire regisseur heeft een grote beleidsvrijheid en dit op de situatie aanpassen, maar hij ontbeert de benodigde machtsbronnen (zoals een hiërarchische positie en hulpbronnen) om zijn eigen koers bij andere partijen af te dwingen terwijl hij voor de uitvoering wel van hen afhankelijk is. Het beleid – en het visionaire of wervende karakter daarvan – is een belangrijke bron om partijen te mobiliseren, te enthousiasmeren en tot medewerking te bewegen. De regisseur is in zijn pogingen om medewerking te krijgen ook bereid compromissen te accepteren op zijn eigen beleid en zodoende zelfs een gedeelte van zijn beleidsvrijheid op te geven ten gunste van samenwerkingspartners.
Faciliterende regisseur De faciliterende regisseur stelt zich dienstbaar op aan het samenspel van andere partijen. Zijn eigen koers en beleid staan niet voorop, maar hij ondersteunt het ontwikkelen en uitvoeren van anderen. Deze regisseur ontbeert bovendien interventiemogelijkeden. De faciliterende regisseur voert regie uit naam van de andere partijen en kan namens hen als woordvoerder, organisator en coördinator optreden.
Regiehandelingen Ongeacht van welk type regisseur sprake is, zijn verschillende handelingen te onderscheiden om invulling te geven aan de regietaak. We onderscheiden er zes. Al deze regiehandelingen kunnen worden ingezet bij een algemene en een specifieke regierol. Dit onderscheid is van belang omdat in veel voorkomende gevallen de regisseur niet alle partijen even aandacht kan of hoeft te geven. Kortom, in sommige gevallen volstaat stimuleren en structureren als algemene regietaak terwijl daarnaast aantal partijen vanuit de specifieke regietaak in aanmerking komen voor steun creëren en - bij in gebreke blijven – mogelijk sanctioneren.
|